Implantaat

Soms ontbreekt de kleine snijtand. Dat komt doordat die tand bij de kaakspleet vaak niet of slecht is aangelegd. De lege ruimte in de tandboog kunnen we aanvullen met een kroon op een implantaat. Een implantaat is een kunstwortel (een titanium schroef) die in het bot vastgroeit. Op het implantaat kan dan weer een kroon worden gemaakt.

Een implantaat plaatsen gebeurt meestal poliklinisch. Het is een ingreep onder plaatselijke verdoving waarbij we via een sneetje in het tandvlees een gaatje in de kaak boren waarin we het implantaat plaatsen. De behandeling duurt ongeveer 20 minuten.

Soms is er te weinig bot om een implantaat te kunnen plaatsen. Dan doen we eerst een operatie onder algehele narcose waarbij we een stukje bot uit de onderkaak halen. Het stukje bot zetten we vervolgens vast tegen de bovenkaak. Bij deze ingreep kun je dezelfde dag weer naar huis. Als dit bot na drie maanden is vastgegroeid, kunnen we het implantaat plaatsen. Het implantaat moet ook weer drie maanden in de kaak vastgroeien. Daarna maakt de tandarts er een kroon op.

implantaat1implantaat2
Figuur A                                                                  Figuur B

implantaat3implantaat4implantaat5
Figuur C                              Figuur D                             Figuur E

implantaat6implantaat7
Figuur F                               Figuur G

Figuur 11 a t/m g: De kleine snijtand bij de kaakspleet is te slecht van kwaliteit (a) en gaat verloren (b). Na de beugelbehandeling is er ruimte (c). Deze ruimte is tijdelijk gesloten met een etsbrug (d). Wat opvalt is dat in de kaak een deukje zit door een tekort aan bot (e). Op 18 jarige leeftijd is dit defect opgebouwd met bot uit de onderkaak wat is vastgezet met een schroefje (f). Na 3 maanden is het bot vastgegroeid. Het schroefje wordt verwijderd en een implantaat wordt geplaatst. Als deze na 3 maanden is vastgegroeid wordt er een kroon opgezet en is de kaakboog weer compleet (g).